Helaas was ik niet op vakantie, zoals allerlei andere gelukkige loggers.
U begrijpt, ik had het druk.
Een beetje te druk.
Met verhuizen.
En werken.
En dozen uitpakken.
En al die andere dingen die op mijn a t/m z lijstje stonden.
En omdat ik nu toch in de bende zit, en druk ben, en punt.nl niet aansluit bij de grootste doelen die ik in het leven heb, is vanaf vandaag goudzilverbrons.punt.nl ook verhuisd.
Ik droomde over Yolanthe en Wesley. En Jan Peter Balkenende en Wouter Bos.
Ik droomde over de voorpagina van de Telegraaf.
‘Briljante Nederlandse overheidsmedewerkster krijgt baan, met permanent verblijf in hotel, in Washington DC aangeboden’.
Ik viel uit bed.
En kwam er voor de zoveelste keer het eerst in mijn leven achter dat dromen bedrog zijn.
Ik ben niet in Washington DC.
En ik zie geen opgeruimde hotelkamer, mooie stad of leuke restaurantjes.
Ik bevind me in één of andere suburb. Iets van 200 kilometer verderop.
En dit is niet your ordinary suburb, mensen.
Alhier geen grootse grasvelden, villa’s of buitenspelende kindjes.
Ik zie puinhopen. En chaos.
De gehele suburb bestaat uit stof, troep, afval en puin.
Ergens in de verte zie ik de rookwalmen nog omhoog komen.
Ik denk dat er recent een meteoriet is neergekomen.
Of er zijn aliens geland.
Eén van de twee.
Ik ga de komende dagen als een echte Bruce Willis, Will Smith, Arnold Schwarzenegger, Lara Croft of andere, liefst vrouwelijke, stoere action hero de mensheid huize melkboer redden.
Ik trek er maximaal twee weken vooruit.
En dan komt er uit de puinhopen van paars een mooie suburb naar voren.
Of beter gezegd, dan komt er, uit de puinhopen, een mooi ingericht huis in een mooie suburb te voorschijn.
Bijna vergat ik het. In alle hektiek van het schilderen, klussen, inpakken, poetsen, opruimen, en al dat andere verhuisgedoe.
Ik denk dat ik in de ontkenningsfase verkeerde.
Maar dat kan nu niet meer.
Want morgen is het zover.
Morgen.
Al.
Na een valse start in de vorm van een mislukt weekendje Boston, en een nachtje uit logeren bij de buurvrouw, is het morgen echt zover.
Ik ga weg.
Naar een conferentie. In Washington DC.
Stiekem vind ik dat heel stoer.
Even tussen neus en lippen door typen dat ik naar een conferentie in Washington DC ga.
U vindt het ook stoer, hè? Geef maar toe.
En ik heb er ook best zin in. In die conferentie in Washington DC.
Maar ja.
Op die conferentie hè, daar zijn kinderen dus niet welkom.
Niet.
Dus.
Dus ik ga zonder.
Zonder kind.
Zonder het meisje dat ik negen maanden lang in mijn buik droeg.
En zonder het meisje dat ik de afgelopen negen eigenlijk al bijna tien maanden elke dag droeg. En zag.
Zonder mijn liefste Kobus.
Zonder.
Twee nachtjes.
Twee hele nachtjes.
Ik ben er klaar voor.
En ik heb dus ook best zin in.
Lekker uit eten, beetje drinken, beetje uitslapen, beetje ouwehoeren, en hopelijk leer ik er ook nog iets van. Alhoewel dat natuurlijk moeilijk is, want ik weet al zoveel.
Nu moet ik alleen mijn deputy director nog zover krijgen dat ze af en toe haar mond houdt.
Want zij gaat mee.
En ze praat.
Heel erg veel. En nogal hard.
En het is minstens drie uur rijden.
Ja.
Ik heb er zin in.
Als de melkboer nu maar niet door zijn rug gaat als hij Kobus uit dr bedje haalt...
Of iets anders stoms doet. Of iets stoms vergeet. Ofzo.
En ik ben er klaar voor.
En voor wie het niet weet, HGTV is Home & Garden Television.
Dat is helemaal mé natuurlijk. Op dit moment.
HGTV.
Want ik moet inspiratie op doen voor de MilkMansion.
Dus stelt u zich eens voor.
24 uur per dag Eigen Huis en Tuin.
Met Rob en Nico.
En Myrna. En Manuëla. En Minoesch. Marceline. Irene. En weet ik veel wie het allemaal nog meer hebben gepresenteerd.
En ik weet ook wel dat ik achterloop. Want nu hebben we heeft u Lodewijk. En Thomas. En Quinty.
Rob en Nico doen tegenwoordig heel andere dingen. Zoals achter de vrouwen aanzitten. Of de mannen.
24 uur per dag Eigen Huis en Tuin dus. Heerlijk.
Alleen is er af en toe wat reclame tussendoor.
Gelukkig is het maar af en toe.
En nu moet u weten, in de VS wordt best veel reclame gemaakt. Ook voor medicijnen.
En in de VS lijden blijkbaar ontzettend veel mensen mannen aan ED.
En die kijken allemaal HGTV. Om tien uur 's avonds. Denk ik tenminste.
ED dus. En mannen. En HGTV.
ED. Spreek uit eedie.
Of te wel Erectile Dysfunction.
En voor ED, of eigenlijk tegen ED, zijn allerlei middeltjes.
En die worden dan dus aangeprezen in spotjes. Meestal wrijft in deze spotjes een wat oudere man een iets jongere vrouw op zeer subtiele, maar toch ook suggestieve, wijze over de arm. En ondertussen kijkt hij haar een beetje semi-geil in de ogen.
En ED is natuurlijk heel vervelend, begrijp me niet verkeerd.
Niet dat ik dat trouwens weet, maar ach je stelt je weleens iets voor, niet waar?
Maar die spotjes worden zo af en toe toch best wel irritant.
En toen zag ik, in al mijn onschuld, dit.
En daar moest ik dus echt verschrikkelijk om lachen.
Ooit lang geleden leefde er in een land hier ver vandaan een meisje.
Dit meisje was een heel bijzonder meisje.
Elk jaar, op haar verjaardag, werd ze namelijk, op fysiologisch miraculeuze wijze, steeds weer 25.
In langvervlogen tijden, ik denk in het jaar 2009, ging haar verjaardag als volgt.
Het meisje werd wakker.
De zon scheen. De vogeltjes floten.
Vandaag was het 29 juni.
Ze was jarig.
Naast haar lag een prins.
En de prins feliciteerde haar.
Maar hij gaf haar geen cadeau.
Ze ontbeten samen aan de keukentafel.
Stiekem was het meisje een beetje chagerijnig.
Want ze wilde heel graag een cadeau.
Na het ontbijt gaf het meisje haar liefste bezit, een prinsesje, af bij de goede fee.
De goede fee woonde naast het meisje en de prins, en hield heel veel van het prinsesje.
Het meisje en de prins gingen wat shoppen.
En nuttigden vervolgens een heerlijke lunch. Ze dronken zelfs champagne.
Maar het meisje had nog steeds geen cadeau gekregen.
Hierna gingen het meisje en de prins kijken bij hun toekomstige paleis. Dit paleis stond ook wel bekend als de MilkMansion. En vandaag zou het paleis eindelijk van hen worden.
In een groot kantoor zetten zij met een in inkt gedoopte ganzenveer wel dertig keer hun handtekening onder allerlei belangrijke documenten.
De prins fluisterde in het oor van het meisje dat dit haar cadeau was.
Maar het meisje was niet gek. Ze had heus wel gezien waar ze haar handtekening onder had gezet. En dat was geen cadeau. Dat wist ze zeker.
De prins en het meisje vertrokken weer naar het paleis.
Voordat ze het prinsesje bij de goede fee moesten ophalen, konden ze nog net even de schoonheid van hun paleis in het zonlicht bewonderen.
Toch keek het meisje een beetje stilletjes voor zich uit.
In het paleis aangekomen, sprak de prins de sindsdien legendarische woorden: 'Het prinsesje slaapt vanavond bij de goede fee. En wij gaan in alle kamers van het paleis sex hebben lekker een avondje naar de stad.'
De prins en het meisje leefden nog lang en gelukkig.
Het meisje had alleen vreemd genoeg geen verlovingsring.
Binnen nu en vijf minuten gebeurt er één van de volgende dingen met u:
a) u gaat over uw nek
b) het water loopt u in de mond
c) er gebeurt niks
Indien optie c, wees gerust. Echt emotioneel volwassen mensen bereiken optie a of b. Het is dus slechts een kwestie van tijd, voordat dat ook bij u het geval zal zijn.
Zoals ik al eens schreef, hou ik ontzettend van toetjes. Het maakt niet uit wat, als het er maar is. Want als het er niet is, weet een man deze vrouw pas wat zij mist.
Deze toetjesmanie heb ik, voor zover ik weet, al van jongs af aan.
Vroeger, toen ik nog mit den Familien Ferien machte, rende ik altijd van het vliegveld danwel de busstop rechtstreeks naar het toetjesbuffet in het hotel.
En die keuze hè, die keuze.
De toetjeskeuze bij de volpensionmettoetjesbuffethotels aan de Costa Brava.
Vers fruit, crema catalana, flan, pudding, ijsjes, gebakjes, madeleines en ga zo maar door.
Ja. Ik denk dat ik toen echt gelukkig was.
Helaas trouwde ik een man die deze liefde voor toetjes niet echt deelt. Stom, stom, stom! Sterker nog, van sommige toetjes gaat hij zelfs over zijn nek.
Zoals van rijstepap.
En van griesmeel.
En laten dit nu net twee van mijn lievelingstoetjes zijn.
Mijn oma maakte de lekkerste griesmeel van de hele wereld. Een grote pudding in de vorm van een vis, overgoten met Japanse wijnbessensaus uit eigen tuin. Ooit, toen ik me afvroeg hoe het kon dat haar pudding zoveel lekkerder was dan die van mij, vertelde ze me haar geheime ingrediënt. Ze verving de helft van de melk door slagroom.
Laatst kreeg ik ineens zo'n zin in griesmeel. En na wat gesurf, stond er zomaar ineens een pak griesmeel op mijn Amerikaanse stoepje. En het pak zei tegen me: 'ik ben zoooo lekker, maak me klaar...'
Vandeweek ging ik aan de kokkerel.
Zonder slagroom.
Maar met halfvolle melk.
Zonder vispuddingvorm.
Maar met zes kleine bakjes. Zes. Voor mij. Alleen.
En zonder Japanse wijnbessensaus.
Maar met een eigen gemaakt sausje van aardbeien, frambozen, bosbessen en bramen.
Beetje inkoken, staafmixer en beetje suiker erin, klaar. Niet zo lekker als Japanse wijnbessensaus, maar best ok.
Nu moet ik trouwens stoppen. Ik heb over het toetsenbord gekwijld.
Vandaag was dag ikweetnietmeerhoeveel in de saga de melkboer en Cisca hebben een green card nodig, omdat ze anders volgend jaar het land moeten verlaten.
Wat er allemaal precies gebeurt in die catacomben van het Capitool.
Ik stel me zo voor dat er een Duyvis mannetje alle borrelnootjes Green Card aanvragen door zit te lopen om ze vervolgens ok, dan wel niet ok te bestempelen.
Biometrisch dus.
Of te wel.
Ik nam één van mijn zeer spaarzame vrije dagen op.
Reed, samen met de melkboer, naar een buitenwijk in de stad zo'n uur hier vandaan.
Gaf papiertjes af, wachtte, en liet vervolgens allerlei vingerafdrukken, oogscans en foto's van mezelf in een computer achter.
Man, het is een wonder dat ik geen uitstrijkje hoefde te laten maken.
En ik zei het al eens eerder, maar ik blijf het best een invasion of privacy vinden. Want al de intieme details van mijn leven staan dus nu ergens vastgelegd.
Als het niet hier op mijn log is, dan is het wel bij the Citizen and Immigration Services.
Gelukkig verliep het gehele proces nogal voorspoedig.
En dat had tot gevolg dat de melkboer en ik vanmiddag tussen een handvol tieners in de bioscoop zaten. We zagen Up. Maar dan niet boven ons, maar voor ons. Hè hè, het moet niet flauwer worden, zeg. Ik vond Wall-E helemaal geweldig en deze ook!
Vervolgens lunchten we bij een kroeg waar we tot negen maanden geleden best regelmatig kwamen. Het leek net mijn leven pre-Kobus. Behalve dan dat ik nu echt veel strakker in mijn vel zit dan toen.
En omdat ik helemaal niets te doen had thuis, had ik daarna ook nog wat tijd voor één van mijn knutselprojectjes.
Mijn eerste naaiwerk zonder patroon.
Omdat zij het zo simpel deed voorkomen om zelf een A-lijn rokje te naaien.
En dus ging ik aan het werk.
Tot nu toe verloopt het goed. De zijkanten moeten nog in elkaar, en dan, de grootste uitdaging, een blinde rits. Er zit een voering in, en ik weet nog niet goed hoe ik de rits, het rokje, en de voering allemaal netjes in elkaar ga krijgen.
Het idee voor die mooi afgewerkte rand aan de onderkant jatte ik trouwens ook bij Prutsen. Maar zij jat ook Hammock Monday ideeën bij mij, dus dan mag dat.
Ik ga zo nog even verder aan de slag met het rokje.
Ik moet nu alleen eerst nog een titel voor dit logje verzinnen.
En dat is lastig, want het is weer een allegaartje aan informatie zonder enige rode draad of doel.
The end of life as I know it
Kinderen | Kobus
|
24 Juni 2009 | 02:57:01
Logde ik van de week al over een serieus geval van de quarterlifecrisis, vandaag moet ik u vertellen dat mijn leven min of meer voorbij is.
Voorbij.
Over en uit.
Afgelopen.
Nu kent u mij en mijn log.
Ik hou van overdrijven. En dramatiek.
En van Viggo. En yokidrink. En de melkboer. En Kobus. En tompoucen. Nederland. Kleertjes naaien. Loggen. Tum tummetjes. Winkelen.
Hopelijk maakt u zich nu niet echt zorgen.
Want mijn leven gaat gewoon door. Gelukkig maar.
En ik vermaak me nog steeds prima. Meestal.
Alleen.
Mijn leven is dus voorbij.
En dat zit namelijk zo.
Het laatste dat ik u vertelde over Kobus, was het feit dat ze zomaar ineens in haar bedje kon staan.
En sinds die tijd heeft ze nog veel meer nieuwe vaardigheden geleerd.
Van kleine baby verandert ze in een razend tempo in mini peutertje in de dop.
Zo kan ze tegenwoordig in haar handjes klappen. Op commando.
En zwaaien. Ook op commando.
En, nog veel belangrijk, ze kan nee schudden. Eerst deed ze dat alleen bij het woord 'no', maar tegenwoordig roept 'nee' ook deze reactie op.
Het is briljant talenwonder. Die Kobus van ons.
Aan onze handen zet ze ondertussen haar eerste stapjes. Eerst twee, toen tien, en nu loopt ze zo van de ene naar de andere kamer.
Een andere belangrijke ontwikkeling is dat ze sinds een paar weken verliefd is. Op een konijn. Het, of misschien is het een hij, moet overal mee naar toe en wordt helemaal afgelebberd en dood geknuffeld. Gelukkig is het een knuffelkonijn. Dus het zou tegen deze soms enigszins brute behandeling moeten kunnen.
Ja. Dus.
The point.
De reden waarom mijn leven voorbij is.
Kobus kan ineens sinds vorige week heel goed kan kruipen.
Zo goed, dat ze achtereenvolgens aarde uit de plantenbakken eet, alle boeken uit de kast haalt, zich optrekt aan de bank om vervolgens behoorlijk hard te vallen, en alle miniscule draadjes, pluisjes en andere viezigheid van de grond in haar mondje stopt.
Maar. Dat is nog steeds niet echt the point.
Het belangrijkste is namelijk dit.
Ze volgt me.
En nu is volgen an sich nog niet eens zo erg.
Af en toe.
Alleen.
Ze volgt me overal.
Overal.
En dus ook naar de wc.
En vroeger, in mijn kinderloze tijdperk, had ik altijd zo'n medelijden met moeders waarbij dit gebeurde. En dacht hoopte ik dat mij dat nooit zou overkomen.
Ja. Nee. Dus.
Kobus.
Cisca.
Volgen.
Wc.
Dat zei ik.
The end of life as I know it.
Maar ok, omdat ze verder zo lief is, toch maar wat visueel materiaal.
Ze kruipt echt!
En vraagt zich verder vooral af: wat verstoppen andere mensen onder die verwarming?
De onderkant van het geliefde konijn.
En het einde van de dag begint tegenwoordig rond zes uur.
Wat ik dit weekend zoal deed?
Het was eigenlijk behoorlijk saai.
Maar ja, u verwacht terecht een verslagje.
Dus bij deze.
Ik ontbeet.
Met Kobus.
En, voor het eerst in twee weken zittend aan de tafel, de melkboer.
Ik lachte met en om Kobus en een papieren zak.
Ik pakte de eerste dozen in.
Ik kocht meer dozen.
Ik kocht stofjes.
Ik keek een film.
En ik ging op nieuwe bankenjacht, naar de afhaal Chinees en de afhaal broodjes zaak, deed boodschappen, verschoonde de usual poepbroeken, bbq'de met vrienden, speelde bordspelletjes, vierde geen Vaderdag, en sliep. Maar van dat alles heb ik geen foto's.
Maar ik ben zo druk. Ik werk, ren achter mijn cd's uit de kast trekkende dochter aan, draai wasjes met ondergepoepte, geplaste en gespuugde kleertjes, en probeer af en toe te sporten, een boek te lezen of te loggen.
En ik zorg ook voor die, nog steeds zielige, melkboer.
'Is he milking it', vroeg iemand mij gister.
Haha.
Ja. Ik ben een drukke huisvrouw.
And something has gotta give.
Dus.
Afhaaleten.
En een bijna drie uur durende DVD.
Die ene van de vreemde zaak van Ben Knoop.
Tsss. Dat huisvrouwenmoedergedoetje zorgt er ook nog eens voor dat ik tegenwoordig altijd achterloop. En nu dus pas die film zag. Terwijl ik vroeger zo'n hip en bijdetijds meisje was.
Maar die film hè, die zette me toch een beetje aan het denken.
Over van alles en nog wat.
Zoals sex met Brad Pitt liefde.
Lot en predestinatie.
En gewoon, het leven in het algemeen.
En dat ik vroeger zo'n bijdetijds meisje was.
Vooral dacht ik na over ouder worden.
Want ik vind ouder worden helemaal niet zo leuk. En dan vraag ik me af of het mooiste en beste stuk al achter me ligt. En of ik wel de goede keuzes heb gemaakt. En of ik ooit nog wel China, Rusland en al die andere landen waar ik nog naar toe wil, zal bezoeken. En waarom ik niet iets anders ben gaan studeren. En nog meer van dat soort dingen.
Pfff. Ik zit in een echte quarterlifecrisis.
Gelukkig word ik over tien dagen voor de zoveelste keer 25.
En ga ik het komende jaar gewoon weer lekker verder quarterlifecrisissen.
Ze eten allerlei dingen uit de koelkast en vriezer op, maken van alles kwijt, en laten overal koffiekopjesvlekkringen en muntgeld achter.
En.
Ze halen altijd het dopje van de tandpastatube af.
En ze doen dit allemaal terwijl wij liggen te slapen. Want ik zie ze nooit.
Mijn ouders hadden vroeger ook kabouters in huis. Die aten altijd alle snoepjes op. Op zondagochtend. En daar kreeg ik dan de schuld van. Maar dat waren ook die snertkabouters. Echt waar.
In huize melkboer loopt ook iemand rond die overal verstand van heeft.
En ja, that would be me. Cisca. Ik.
Ik heb overal verstand van, kan alles, en most importantly, ik heb altijd gelijk. Altijd.
En ik heb ook geen moeite om dat te vertellen.
Aan andere mensen. Of collega's.
Ik kan alles.
En zo kwam het dus, dat ik de afgelopen weken een nieuw logo voor onze afdeling ontwierp.
Terwijl ik eigenlijk helemaal geen logo's kan ontwerpen.
Want ik ben planoloog. En Midden-Oosten deskundige. En moeder van de eeuw.
Ik schrijf rapporten. En ontwerp wijken. Of kinderkleertjes.
Maar ik kan alles.
En zo kwam het dus, dat het logo best mooi werd.
En volgende week, op de jaarlijkse staff meeting, wordt onthuld.
En aan het einde van de dag krijgt iedereen een door mij persoonlijk gesigneerde giftbag.
Met een zakje snoepjes. Met het logo.
En een pen. Met het logo.
En een klein bloknootje. Met het logo.
En ook nog een geweldig mooi t-shirt. Met het logo.
En wat ik nou zo leuk vind, is dat ik dus nu nog járen mee ga.
Bij the County.
Want later als ik groot ben en minister-president van Nederland, of Commisaris voor de Europese Commissie, dan wordt mijn logo nog steeds gebruikt.
Sterker nog, dan zijn die pennen en t-shirts grof geld waard.
Ik. Cisca.
Ik kan alles, heb overal verstand van en heb altijd gelijk.
Lieve Mona/dear Abby/lieve loglezer van Cisca/beste dokter van de melkboer*,
*doorhalen wat niet van toepassing is
De laatste paar dagen zou ik willen typeren als één van de dieptepunten in mijn persoonlijk leven. Er komt zoveel op mij af, en de huidige situatie roept gewoon allerlei vragen bij mij op. Eigenlijk zie ik het zelf niet meer zitten en heb ik dringend behoefte aan advies.
Zo vraag ik mij bijvoorbeeld af: als een man voor de tweede keer binnen twee jaar huwelijk meer dan twee dagen achter elkaar in het ziekenhuis ligt, zit er dan nog garantie op?
Of kun je hem gewoon ruilen?
En waar doe je dat dan?
Is het lastiger ruilen wanneer je na de huwelijksvoltrekking naar het buitenland bent verhuisd?
Ik ben trouwens ook de gebruiksaanwijzing kwijt. Heeft u toevallig ergens een reserve?
En hoeveel lijden moet een vrouw eigenlijk doorstaan voordat ze smartengeld uitgekeerd kan krijgen? Of een verlovingsring? Of andere sieraden dan wel diamanten?
En hoeveel sex, drugs, rock'n'roll, fysiotherapie, rust en medicijnen heeft de gemiddelde gezonde man nodig voordat hij weer op de been is na het oplopen van een rugblessure?
En kent u trouwens misschien iemand die vandaag, morgen en het komende weekend op een hele lieve negen maanden oude baby wil passen? Kost en inwoning zijn inbegrepen, reiskosten niet.
En waarom zegt iedereen eigenlijk dat je als moeder flexibel moet zijn?
Ik ben namelijk heel inflexibel. Dus ik heb niets aan dat advies.
Vast hartelijk bedankt voor al uw hulp, commentaar en suggesties.
Ik weet zeker dat het me verder zal helpen in deze moeilijke tijden.
De komende dagen ben ik trouwens even niet bereikbaar.
Vriendin M. komt namelijk hierheen. A small change of plans.
We gaan samen voor de melkboer zorgen. En voor Kobus.
En hopelijk hebben we ook nog wat tijd voor onszelf.
Bijvoorbeeld voor een goed gesprek. Waarin we dan alle antwoorden op deze vragen kunnen evalueren.
Het enige verschil is dat zij ervoor gepakt wordt. En dat gebeurt mij natuurlijk niet. Ik ben daar veel te slim voor.
En zij is oud. En ik niet.
Ze ziet er trouwens wel heel goed uit.
Voor haar leeftijd. Want ze is al bijna 70. En dat is dan weer een overeenkomst. En nee, ik ben geen zeventig. Wie dacht dat? Ik zie er namelijk ook heel goed uit voor mijn leeftijd.
Ok, zij heeft natuurlijk een televisieshow. En een tijdschrift. En een lijn van huishoudelijke spullen die ze verkoopt in de K-Mart. En een eigen website. En een miljoenenimperium.
Maar ik heb een log.
Met duizenden honderden lezers per dag.
Dus.
Ik wil u graag vertellen wat wij aten vanavond.
Omdat het zo makkelijk en snel is. En ook heel lekker.
En dan kunt u het zelf proberen.
We aten namelijk pita-broodjes met groenten. En feta.
Het recept is heel simpel.
Courgette, paprika, champignons, ui, spinazie en eventueel tomaat en aubergine.
Even opbakken.
Eerst in stukjes snijden trouwens, maar dat begreep u wel. Toch?
Vervolgens flink kruiden met peper, zout, basilicum, peterselie en eventueel wat andere kruiden. Het geheime ingrediënt is een beetje tomatenketchup.
Feta kaas er doorheen, en dan alles zo in een broodje.
Terwijl wij in de auto zaten. Op weg naar de camping.
En ik tegen de melkboer zei, dat kamperen met een baby gewoon een dom idee is. Gedoemd om te mislukken. En dat ik naar een hotel wilde. Nu.
Het was dus blubberig op de camping.
Zo blubberig dat mijn slipper regelmatig bijna achterbleef in de blubber en er zo'n zuigend scheetachtig geluid klonk als ik hem lostrok.
In deze blubber verdween tijdens de eerste avond op mysterieuze wijze de nagellak van vier van de tenen van mijn rechtervoet.
Daarna gingen we naar bed.
En 's nachts was het echt verschrikkelijk koud.
En in de schemering stikte het trouwens van de muskieten. En andere enge, en vooral zeer opdringerige insecten.
Kobus was natuurlijk ook mee.
En at vooral gras, bladeren, zand, aarde, steentjes en stukjes hout.
En poepte.
En ik had voor het eerst ooit poep van Kobus aan mijn handen.
En onder mijn nagel. En op mijn enig meegenomen vest met lange mouwen.
Want.
Kobus greep voor het eerst met haar grijpgrage handjes in de poep.
Tuurlijk.
En dan raak je natuurlijk ook nog net even toevallig met je hand je armpje aan. En je wangetje. En je mama.
We dachten er nog even aan om te testen of er een carrière als modderworstelaarster voor haar was weggelegd. Gewoon, zo die naakte bepoepte baby in de blubber gooien en kijken of ze dan nog steeds kan kruipen.
Ja. Dus.
Het was minstens vijf minuten lopen van het plaats delict naar de dichtsbijzijnde wc, douche, wastafel en vers watervoorziening.
Maar.
Ondertussen.
Was het op de camping twee dagen lang heerlijk weer.
En zagen mijn witte benen heel veel zonlicht.
En gras. En een stoel. En blauwe lucht. En bomen. En de voor- en achterkant van mijn boek.
Ik luisterde naar de vogeltjes. En de ritselende blaadjes van de bomen.
We maakten twee lange ochtendwandelingen met een slapende Kobus in de draagdoek.
En 's avonds bbq'den we. Hamburgers, worstjes, aardappels, paprika's en kipsate.
En ja, ik weet het. Een soortgelijk menu at ik vorig weekend ook al.
We stookten een kampvuur en dronken illegaal bier.
Alcohol drinken is namelijk verboden in Pennsylvania State Parks.
En weet u, iets dat illegaal is, is nog lekkerder.
Dat was vroeger al, en nu nog steeds.
So. Arrest me.
In de nachtkou sliep ik beter en dieper dan ik thuis in lange tijd deed.
En Kobus sliep ook prima. Ze had alleen elke ochtend een bevroren neus. En ze gedroeg zich verder ook als her usual happy self.
We vierden Pinksteren en ik vierde dat ik zoals altijd won met Kolonisten van Catan.
Ik had eigenlijk een heerlijk en lekker ontspannen weekend.
En kijk, het is natuurlijk prettiger om iets mislukts (dat is vast geen net Nederlands woord) voor jezelf te maken, dan voor een ander.
De laatste tijd gebeurt me dat trouwens niet meer.
Dat iets volledig mislukt.
Want.
Het kan blijkbaar dus toch!
Jezelf leren naaien. Dit is trouwens een hele rare zin. Jezelf leren naaien. Maar dat ligt misschien aan mij.
Ik wil Kobus best zien lopen in deze creatie. En andere kindjes ook wel trouwens. Misschien moet ik toch stoppen met werken. En dan de hele dag perenjurkjes gaan naaien. En die dan voor heel veel geld verkopen.
Kobus. In dit jurkje.
De mooiste creatie ooit, in een mooie creatie.
Nu gaat dat trouwens nog niet.
Want de creatie viel iets te groot uit, en Kobus moet dus nog wel even wat groeien. Maar met dr verjaardag kan ze het aan. Denk ik.
En dat is mooi, want dan hoef ik tenminste geen cadeautje meer voor dr te kopen.
En dan nu nog even wat smeuïge details, voor diegenen die zelf naaien.
Ik gebruikte twee patronen door elkaar, eentje voor de kraag, eentje voor de mouwen, en het lijfje knipte ik gewoon zelf. Het voor- en achterpand zijn identiek.
Onderaan de mouwen zit een dun elastiekje.
En de kraag sluit aan de achterkant met twee knoopjes.
Helaas zette ik die knoopjes er pas aan het einde op, in plaats van dat ik de draadjes wegwerkte in de dubbele kraag. Maar ja, dat soort foutjes maak ik dus regelmatig.
En daarom is dit jurkje niet de mooiste creatie ooit.
Een voordeel van weinig vrije dagen is dat de vrije dagen die je wel hebt héél lekker zijn.
Dat is trouwens wel het enige voordeel.
Want verder is het gewoon behoorlijk naar.
Om maar eens een willekeurig woord te gebruiken.
Naar.
N.A.A.R.
Als in: 'Het is naar, zo weinig vrije dagen per jaar.'
Maar vandaag was het Memorial Day.
Oftewel, een vrije maandag voor bijna iedereen in de VS.
Officieel worden op deze dag alle militairen die ooit stierven in dienst herdacht.
Maar daarnaast is Memorial Day ook vooral een bbq familiefeest en wordt het begin van de zomer gevierd.
En mensen, mensen, wat een genot, zo'n extra lang weekend.
Ik genoot.
Echt.
Ik genoot zoals je alleen maar kunt genieten van dingen die bijzonder zijn.
Dingen die niet te vaak gebeuren.
Want ja, als ik elke dag vrij zou zijn, zou er niets aan zijn.
Net als elke dag uit eten.
Of elke dag zon.
Tsss. Dat wil toch geen mens.
Uitgestelde behoeftenbevrediging, that's the way to go.
Want daarom zijn die paar vrije dagen per jaar zo'n genot.
Ik genoot. Dus.
Ik genoot van het zonnetje.
In de hangmat. Met een bijna uitgelezen boek. En een spetterende, giechelende Kobus in een zwembadje.
Ik genoot van het afgenaaide perenjurkje. Nadere details volgen trouwens morgen. Mocht u er op zitten wachten.
Ik genoot van de paardenshow waar we naar toe gingen.
Ik genoot van de twee bbq's die ik had dit weekend.
En van de drie hamburgers die ik at. Drie. Dat is één per dag. O no, am I turning into an American?
Ik genoot ook van potato salad, kipsaté, stokbrood met kruidenboter, carpaccio, garnalen, worstjes, de beste cherry pie ever, tonijnsalade, perzik-yoghurt ijs, macaroni salade en nog meer van dit alles. Nu ik dit zo opschrijf, lijkt het of ik het hele weekend zat te vreten. En dat was eigenlijk ook zo.
Tuurlijk niet! Ik at. Heel bescheiden. Vreten doe ik namelijk niet. Behalve als er zelfgemaakte hamburgers in het spel zijn. Dan ga ik los. Omdat ik normaal weinig vlees eet, en sowieso altijd zeer beheersd ben. Met betrekking tot eten, bedoel ik dan. Verder ben ik niet altijd even beheersd.
Ik genoot ook van mijn vrienden, die ik zag en sprak.
Wist u dat cole slaw van oorsprong een Nederlands woord is? Anders had het namelijk cabbage salad geheten. En de Nederlanders die in New Amsterdam woonden, introduceerden dit woord. Dat leerde ik dan weer dit weekend. Op één van de bbq´s. Van één van die vrienden.
Ik genoot van de laatste weekjes in ons mooie huurhuisje. Met snikhete slaapkamers onder een schuin dak. Waardoor ik niet zo goed sliep. En eigenlijk dus vooral onuitgeslapen en chagerijnig was.
Ik genoot. Van het lange weekend. En de extra vrije dag!
En ook leuk is, dat ik deze week maar drie dagen hoef te werken.
Want vrijdag gaan we op stap. De melkboer, Kobus en ik.
Nou, nou, nou.
Wat een vrolijkheid, blijheid en genot dezer dagen!
En nu ben ik dus een jurkje aan het naaien voor Kobus. Tot nu toe ben ik best tevreden.
Er zitten alleen nog geen mouwen in. En ik moet nog wat dingen afwerken.
En dan volgen de foto's.
Vanavond gingen we zomaar even uit eten.
En Kobus zat in de grotemensenkinderstoel. En ze kreeg een ballon. En ze leek ineens zo groot.
Ze lijkt trouwens ook erg groot als ze in haar bedje staat. STAAT ja.
Het kind is acht maanden. Liggen moet ze. En misschien af en toe zitten. Maar niet staan.
Ik denk dat ik daarom eigenlijk niets te zeggen heb vandaag.
Ik ben namelijk nog steeds volledig sprakeloos.
Speechless.
Baffled.
Ik doe maar gewoon alsof het niet is gebeurd.
Net zoals Michael Jackson en plastische chirugie.
Of Bill Clinton en Monica Lewinsky.
It never happened.
Ok.
Ik heb nog één ander dingetje te zeggen. Een laatste wetenswaardigheidje.
Misschien heeft u er iets aan.
Let op.
Komt 'ie.
De allerergst stinkende poep is degene die 's ochtends eruit komt na een diner van erwtjes met rijst en een fruithapje van kiwi, banaan, bramen en peer toe.
Geef uw kinderen dit dus nooit!
Ongelooflijk. Ik wist niet dat het kon. Zo'n lucht. Uit zo'n lief schattig lachend meisje.
En dat dan zeven keer per dag!
Jaja, volgens mij spaart ze het op. Zodat ze op vrijdag bij mama thuis extra veel heeft.
En van wie ze dat nou heeft?
Zoals ik al eerder zei, ik poep nooit. Dus.
Weet je wat ik trouwens ook niet wist dat kon?
Dat een foutje van de bank je miljonair kan maken.
Ik zou ook maken dat ik weg kwam.
Dus mocht ik nooit meer loggen. Dan ben ik óf nog steeds sprakeloos, óf ik heb vier miljoen op mijn bankrekening gestort gekregen.
Terwijl de meesten van u een beetje vrij zaten te zijn voor Hemelvaart, werd hier vandaag natuurlijk gewoon gewerkt.
Nou ja, gewoon...
Er werd gewerkt.
But it was no ordinary workday.
Cisca trok namelijk de provincie in. Voor een publiek optreden.
En het is ongelooflijk. Er kwam wel een man of honderd op af.
Het leek wel American Idol. De finale.
En even voor de Amerikanen die hier meelezen. Leuk jochie hoor, die Kris, maar wie heeft op hem gestemd? Wie? Want ik wilde Adam. Gelukkig is Adam zo goed dat hij niet hoefde te winnen. Hij komt er toch wel. Go Adam!
Ja.
Mijn dag in de provincie dus.
Ik faciliteerde die dag. En hield tussen neus en lippen door ook zelf nog even een praatje.
En het ging allemaal prima.
Alhoewel ik dat gisteravond niet echt zag gebeuren. Toen ik alleen in mijn bedje zenuwachtig lag te wezen.
Wat er zoal door mijn hoofd ging?
Van alles.
Hieronder volgt een zeer beknopte samenvatting.
Wat moet ik aan?
Wat als ik de locatie niet kan vinden, en ik kom te laat?
Wat als ik keihard op mijn muil ga elegant struikel over de treetjes naar het podium?
Wat als ik ineens geen Engels meer kan?
Wat als ik een vraag van iemand verkeerd begrijp, en een heel dom antwoord geef?
Wat als niemand oplet?
Wat als iedereen heel verveeld kijkt en ondertussen hun email gaat checken?
Wat als ik per ongeluk iets heel politiek incorrects zeg?
En geloof mij. Dat gebeurt snel. In de nabijheid van al die ambtenaren en elected officials.
En daarnaast ben ik sowieso aangeboren al een beetje politiek incorrect. En word ik regelmatig vervloekt geprezen om mijn Nederlandse directheid.
Dus wat als ik iets heel politiek incorrects zeg? Min of meer expres?
Wat als ik mijn aantekeningen niet meer kan vinden?
Wat moet ik aan?
Wat als ik mijn oorbellen vergeet in te doen?
Zal ik die hoge hakken aan doen?
Of zal ik ze niet aandoen?
Want, wat als ik struikel?
Wat als ik ga zweten en je ziet het?
Wat moet ik aan?
En wat als mijn rok in mijn onderbroek zit?
Of nog erger, wat als er een stukje wc papier uit mijn onderbroek hangt?
Ooit in Nederland was ik docent hè, en ik had dus een collega bij wie dit gebeurde.
Echt.
Dan heb je een goede reden om naar de VS te verhuizen.
Gelukkig gebeurde niets van dit alles.
Het ging goed!
En nu is het alweer bijna weekend. En het is 25 graden. En maandag zijn we vrij.
Ik beloofde laatst aan een aantal van u het ultieme recept voor key lime pie.
En belofte maakt schuld.
Juul herinnerde mij daar vandaag aan.
En nu ben ik meer van, wat in het vat zit, verzuurt niet.
Maar dat gaat nu niet op.
Want limoenen zijn al zuur.
En van uitstel komt afstel, en dat wil natuurlijk niemand.
En knollen voor limoenen citroenen verkopen, wil ik u ook niet.
Dus. Vandaag een logje over limoenen.
En al dit gelul dit literaire hoogstandje culmineert dan in dat ultieme recept. Voor dé taart.
Limoenen dus.
Ik denk bij limoenen aan een margaritha, dat lijkt me duidelijk.
Of aan een mojito. Ook lekker.
Ik denk ook aan een schijfje. Limoen.
In de tequila. Of in een flesje Corona.
Of vooruit, het schijfje kan ook in de cola. Of op een gebakken visje.
Maar eigenlijk hoort limoen gewoon bij alcohol.
En alcohol, daar heb ik best zin in.
Zij drukte me laatst nog weer eens met de neus op de feiten.
Ik. mis. alcohol.
Maar haha.
Ha.
Ha.
Haha.
Hahahaha.
HET weekend komt eraan. En met HET weekend breekt ook het voorlopige eind van Cisca aka de borstvoedingsfabriek aan. En dat is dus weer het begin van limoen in allerlei drankjes. Met alcohol.
Ha.
Ha.
Haha.
Hahahahahahahahahahahaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaa.
Maar.
Limoen gaat dus ook in key lime pie.
Ja.
Die taart.
Dus.
Hoe maakt u die?
U begint met biscuitjes, speculaasjes of iets anders waar u graag een taartbodem van maakt.
Meng met wat boter en suiker tot een kruimig mengsel en bekleed de bodem en zijkanten van een taartvorm hiermee.
En mensen, een taartvorm is geen springvorm.
Dus geen springvorm gebruiken. Want dan valt de pie uit elkaar.
En de bodem goed aandrukken. Want anders valt de pie uit elkaar.
Bak de bodem voor 10 tot 15 minuten.
Op 325 graden.
Fahrenheit that is.
Zeg maar 170 graden Celsius.
Vervolgens neemt u de limoenen. Drie of vier, afhankelijk van hoe een zuur typje u bent.
Persoonlijk denk ik niet dat u heel zuur bent. Anders las u hier toch niet? Want hier lezen toch geen zure mensen? Toch?
Rasp de schil van één of twee limoenen. En opnieuw, dit is afhankelijk van uw zuurgraad.
Meng de rasp met vier eigelen en klop dit door elkaar. Meng dit voorzichtig met een blikje gecondenseerde melk. Dat staat meestal bij de koffiemelk, mocht u het zich afvragen. En deze melk moet wel gezoet zijn. Anders moet u zelf suiker toevoegen.
Schenk vervolgens het sap van die 3 of 4 limoenen erbij.
Even wachten...
...
En het mengsel wordt vanzelf dikker. Wat leven we toch in een wonderbaarlijke wereld...
Giet het mengsel op de bodem en schuif in de oven voor een minuut of 15. Nog steeds 325 graden Fahrenheit. Het midden van de taart moet een beetje zacht blijven. En kunnen wiebelen. Zoals een goede drilpudding.
Serveer met slagroom. En eventueel kunt u de vier overgebleven eiwitten opkloppen met wat suiker en de taart nog een keer op een hele lage temperatuur verder afbakken. Zo vind ik hem het lekkerst. Met schuimkopjes erop.
Ook lekker, de limoen vervangen door citroen en de eigelen vervangen door slagroom.
Dan bakt u de taart niet af, maar is het meer een soort kwarkachtige taart.
Ok, ik weet dat het vandaag 17 mei is. En dat het 26 april 30 april Koninginnedag was.
Maar gister kreeg ik deze foto van vriendin S.
Gister.
Pas.
En toen dacht ik even terug aan de tijd van de fotorolletjes.
Want wat was het leven toen spannend.
Dat wachten, mensen!
Dat eindeloze wachten.
Slapen voor de deur van het Kruitvat. Of de HEMA.
En dan maar hopen dat je er goed opstond. Op die ene foto.
En dat je vakantievriendje er goed opstond. Op die ene foto die je van hem gemaakt had.
En dan had je ook nog dat vervelende nabestellen. Weet u nog? Dat je dan alle foto's moest nummeren op de volgende van de negatieven, en dat je dan bij vriendin X. en vriendin Y. foto's moest nabestellen. En dat je die dan nooit kreeg. Of in ieder geval, dat je nu nog steeds zit te wachten.
Jaja.
Dat waren nog eens tijden.
De tijden van het fotorolletje.
Aka het pre-digitalefototoesteltijdperk.
En er zijn meer van dit soort tijden.
Zo is daar de tijd van de cheques. Aka het pre-pinautomaattijdperk.
En er was vroeger, lang geleden, een tijdperk dat mensen gewoon belden. Thuis. Terwijl de telefoon vastzat aan een draad uit een kastje in de muur. Dit staat bekend als het pre-mobieletelefoontijdperk.
En dan is er natuurlijk nog het pre-computertijdperk. De tijd waarin mensen rapporten typten op de typemachine. En brieven schreven.
Ik vraag me toch af, hoe mensen leefden.
Toen.
Vroeger.
In die andere tijden.
Dat is trouwens best een leuk programma. Andere Tijden.
Vroeger, toen ik nog in Nederland woonde, keek ik dat weleens. Andere Tijden in andere tijden.
Enfin.
Die vertraagde foto dus.
Ons aller Kobus op schoot bij vriendin A.
U begrijpt, tijdens Koninginnedag 2009.
Normaal heeft ze die oranje hoed niet op.
Alhoewel dat misschien best een idee is. Dan weet iedereen tenminste dat ze uit Nederland komt. Of beter gezegd, dat haar papa en mama uit Nederland komen. Kobus komt natuurlijk helemaal niet uit Nederland.
Maar toch. Nederlandse is ze. In hart en nieren. Nederlandse. Made in the USA.
Heimwee is natuurlijk één van de grootste nadelen van verhuizen naar het buitenland.
Heimwee naar familie.
Vrienden.
Voor wie je er niet altijd kunt zijn. En van wie je gebeurtenissen mist.
Trouwerijen, geboortes, sterfgevallen.
En familie en vrienden missen ook van alles van ons.
De geboorte van Kobus. Het nieuwe huis.
En dat hoort er natuurlijk allemaal bij.
Bij verhuizen naar het buitenland.
Maar die gedachte maakt de dubbele gevoelens niet makkelijker.
Gelukkig bestaat er internet. En msn.
Ik probeer me soms voor te stellen hoe het was toen twee zussen van mijn opa in de jaren vijftig naar Australië emigreerden. Zonder dat ze ooit Nederland uit geweest waren. En zonder dat ze ooit een woord Engels hadden gehoord. En in de wetenschap dat ze hun ouders nooit meer zouden zien.
Dat is natuurlijk niet te vergelijken met nu. En niet te vergelijken met ons.
Maar toch.
Ik heb echt heimwee naar Nederland.
En wat is dat dan? Nederland?
Ik mis lopen door de stad.
De Nederlandse winkels en supermarkten.
Ik mis de Nederlandse nuchterheid.
De no-nonsense.
Ik mis fietsen.
En skeeleren over de dijk.
En ik mis gewoon Nederland.
Het Nederlandse landschap.
De duinen en het strand. De polders. Met koeien. De dijken. De rivieren. Het platte.
Euh...
Het vlakke, bedoel ik natuurlijk. Of nog beter, het wijdse.
Kent u dat gedicht van Hendrik Marsman?
Herinnering aan Holland?
Denkend aan Holland
zie ik brede rivieren van yokidrink
traag door oneindige
monden laagland gaan,
rijen ondenkbaar
ijle ontbijtkoeken populieren
als hoge pluimen
op de tafel aan de einder staan;
en in de geweldige
ruimte verzonken
de krakelingen boerderijen
verspreid door het land,
tompoucen boomgroepen, kaas dorpen,
pakken vlokken geknotte torens,
hagelslag kerken en dropjes olmen
in een groots verband.
De lucht hangt er laag
en de friet zon wordt er langzaam
in mayonaise en satésaus grijze veelkleurige
dampen gesmoord,
en in alle gewesten
wordt de stem van de nasi het water
met zijn heerlijke smaken eeuwige rampen
gevreesd en gehoord.
Nou ja, zoiets mis ik dus.
Op die rampen en stem van het water na dan.
Zoals ik al eens eerder schreef, de ultieme heimwee naar Nederland manifesteert zich bij mij in eten.
Zo miste ik in Marokko maar één ding.
En dat was Nederlands eten.
Ik wilde geen couscous meer. En geen stokbrood met la vache qui rit.
Kunt u geloven dat dat zo'n beetje de enige twee dingen waren die ik daar at?
Ok, één keer at ik pizza. En ook één keer McDonalds.
En ik kan u trouwens zeggen, nooit was McDonalds zo lekker. Als in Marokko.
Vandaag kregen we weer eens een pakje in de post.
Dit pakje kwam uit Michigan.
Voor de geografische leken onder u, dit is één van die vijftg staten van de VS. Ergens in het midden, bovenin. Daar bij al die meren.
Michigan is één van de staten die het op dit moment heel zwaar heeft.
Onder andere omdat het grootste gedeelte van de Amerikaanse autoindustrie daar is gevestigd.
Enfin. In Michigan wonen van oudsher aardig wat Nederlanders.
Ik zou trouwens niet weten wat ze daar doen. En dat doet er ook niet toe. Voor de purpose of dit logje.
Er zitten in Michigan dus aardig wat Nederlanders. Dat zei ik net al. En ook veel afstammelingen van Nederlanders. En daarom zitten er in Michigan ook winkels die Nederlandse spullen verkopen. En ze doen dat ook online! En dus spekte ik laatst de economie van Michigan eens.
Wat er zoal in het pakje zat?
Vooral Nederlandse producten natuurlijk. Betekent dit trouwens dat ik dan voornamelijk de Nederlandse economie spekte?
Nederlandse producten zoals Chinese tomatensoep van Honig. Foe Young Hai mix. En twee zakken kroepoek.
Ok.
Er zaten ook echt Nederlandse producten in.
Fritessaus. Vlokken en hagelslag. Ontbijtkoek. Borrelnootjes. Kaas. Drop. Tum-tummetjes.
Deze dingen mis ik dus zoal.
Mocht u zich geroepen voelen om de Nederlandse economie te spekken en mij tegelijkertijd een plezier te doen.
Even wat luchtigers, hoor. Na die zware kost van gister en eergister.
En waar dan beter over te loggen dan over het huis.
Lieve lezers, wat een reacties kreeg ik op het logje over ons bijna huis. Termen als kasteel, McMansion, Dynasty, zwembad, kast van een huis, gardenboy en botox kwamen allemaal langs.
Die reacties waren trouwens voornamelijk op de foto, niet op mijn logje. En het gaat hier om mijn schrijfstijl, ja. Niet om de foto's. Daarom noem ik u ook lieve lezers. En geen lieve plaatjeskijkers.
Dus.
U bent benieuwd. Denk ik.
Naar de juicy details van the MilkMansion.
En keep in mind, dit is de VS, hè.
Als u ooit een foto van ons huidige huurhuis zou zien, zou u ook roepen dat het een kasteel lijkt. En ik kan u zeggen, het is geen kasteel. En the MilkMansion is dat ook niet. Maar het is wel mooi.
En het heeft vier slaapkamers.
Dus. Ruimte voor logees! Komt u maar...
Of misschien een au pair. Of een butler. Of kok. Of een lekkere tuinman.
Het huis heeft central airconditioning.
En een covered porch met schommelbank.
En een afgesloten patio bij de keuken. En dat is dan wel weer makkelijk voor een rondkruipende, rennende, fietsende Kobus.
Het huis heeft ook oerlelijke bordeauxrode luiken een mooie tuin.
En ligt op loopafstand van het station. En van de downtown van het dichtsbije stadje.
En het ligt op minder dan een kilometer van het werk van de melkboer.
En het is slechts vijfentwintig kilometer naar dat van mij. Waarom? Waarom is het zo oneerlijk verdeeld in het leven?
De overdracht is 29 juni.
Joehoe, dat is dan een mooi verjaardagscadeau voor mij!
En vanaf 15 juli hebben we geen huurhuis meer.
Dus twee weken om over te verhuizen.
En daar komt dan ook het allerallerallerbelangrijkste.
Die twee weken, die hebben we niet eens nodig. Twee dagen, dat zou genoeg zijn.
The house is namelijk move in ready! Oftewel, it needs zero work.
Niks. Noppes. Nada.
Alles is klaar, mooi, afgewerkt, goed onderhouden en ga zo maar door.
Behalve de keuken dan. Want die vind ik niet mooi. En die moet dus geschilderd worden. Alleen dat weet de melkboer nog niet. Tenminste. Hij weet nog niet dat het moet.
Voor twee studies tegelijk nog wel. En ik wil niet opscheppen ofzo, maar stoer is het wel. Twee studies tegelijk afronden. Met één scriptie. U leest dus nu de verhalen van een dubbele Doctorandus. Ik bedoel, het is maar dat u het even weet.
Ik schreef die scriptie voor een groot gedeelte in Marokko.
Over Marokko.
En zij vroeg al vaker of ik niet eens over Marokko wilde loggen.
Over mijn tijd daar. En mijn belevenissen.
Loggen over Marokko.
Dat vind ik dus moeilijk.
Moeilijk, omdat ik afstudeerde op mogelijke oplossingsrichtingen voor problemen in sloppenwijken.
En op een bepaalde manier is Marokko het land van mijn dromen.
De Gorge du Todra. Waar ik sliep op het dak van een hotel. Midden in de Gorge.
De medina van Fez.
De mooie diepe kleuren van het landschap. Het groen van de bomen gecombineerd met het warme rood van het zand en steen, en de witte huizen.
Couscous eten voor ontbijt, lunch en diner.
De vriendelijke mensen.
Het Djemma el Fna plein in Marrakech.
Allemaal mooie dingen die ik nooit meer zal vergeten.
Maar ik zag in Marokko ook verschrikkelijke dingen.
Van dichtbij.
Soms te dichtbij.
Dingen die ik ook nooit meer zal vergeten.
En gister werd ik daar weer eens aan herinnerd.
We keken namelijk Slumdog Millionaire.
Best een leuke film trouwens, maar een Oscar? Voor beste film?
En ook nog zeven andere Oscars?
Ik weet het niet, hoor. Maar zo goed vond ik hem nou ook weer niet.
Slumdog Millionaire speelt zich voor een groot gedeelte af in een sloppenwijken. In Mumbai/Bombay, India.
En ik vind het steeds weer verschrikkelijk.
Om te kijken naar die magere, vieze, huilende kindjes met van die vreselijk grote ogen die teveel gezien hebben.
Helemaal sinds ik Kobus heb. Het snijdt echt door mijn hart om te zien onder wat voor erbarmelijke omstandigheden sommige kinderen moeten leven.
En soms denk ik na over promoveren. Ik schreef zelfs al eens een goedgekeurd promotievoorstel. En wie wil dat nou niet, promoveren. In de VS. Aan één van de beste universiteiten van de wereld.
Maar ik vraag me af, of ik wel wil promoveren. Promoveren op het onderwerp sloppenwijken. En dan weer naar Marokko gaan.
Wil ik al die vreselijke dingen wel zien? En weten.
Zou mijn onderzoek iets uit maken?
Of leef ik liever in onwetendheid?
Ik weet het echt niet.
Wat ik wel weet is dat ik een goed leven heb. En de meeste van u, onze kinderen en familieleden hebben dat naar omstandigheden ook.
En ik weet heus dat er vreselijke dingen gebeuren. Ook met kinderen die niet in sloppenwijken wonen.
En daarom geloof ik oprecht dat nothing of real value measurable is.
En toch. Een dak boven het hoofd, sanitaire voorzieningen, een gevoel van veiligheid, dat is toch wel het minste dat een mens nodig heeft. En een kind al helemaal.
Over zondagavond, de IKEA, een fotosessie, alweer tieten en een zelfgemaakt rokje
Persoonlijk | Belevenissen van Cisca
|
11 Mei 2009 | 02:05:17
En toen was het zomaar ineens zondagavond.
Zondag.
Avond.
Zondagavond is geen goede woord combinatie.
Persoonlijk vind ik zondagochtend of zondagmiddag toch beter klinken.
Zondagavond is het einde van het weekend.
En de enige combinatie die nog erger is, is maandagochtend. En dat is het dus nu bijna.
Maar ja.
Het weekend was weer eens heerlijk.
Mijn enige klacht is eigenlijk dat dit weekend alweer maar 48 uur had.
Ik zou zo graag 120 uur willen. In een weekend.
120 ja.
Dat is 5 x 24. Toch?
En als het weekend 120 uur is, dan is de werkweek 48 uur. En dat lijkt mij wel fijn.
Dan moet een week trouwens nog wel uit 7 dagen van 24 uur bestaan. Anders slaat deze paragraaf namelijk nergens op.
Druk met van alles en nog wat. Dat was ik dit weekend.
Zo bezocht ik de IKEA.
Jaja, die blauw met gele schoenendozen zijn hier ook.
En ik vind het er nog leuk ook.
Zo heerlijk Europees. Whatever that may be.
Ik deed er zelfs boodschappen. Crackertjes. Kaas. Garnaaltjes.
Kobus speelde daarna anderhalf uur fotomodel.
Want ooit, in het pre-Kobus tijdperk, was ik op een enorme babyshower.
En die shower. Die was dus voor mij. En voor Kobus.
En mensen, ik kan u zeggen.
Het is enorm. Het is Amerikaans. Het is. Een baby shower! Wat een cadeaus, eten en verrassingen kreeg ik die dag.
Wat ik ook kreeg, was een gift certificate. Voor het maken van een enorme, Amerikaanse, fotosessie.
En ze zagen er leuk uit. De foto's. Nu nog wachten tot we ze kunnen ophalen.
Ik kocht ook de Victoria Secrets bijna leeg.
Want.
Niet zwanger. En nog maar twee keer borstvoeding per dag.
Dus. Eindelijk weer een beetje normale tieten.
Die weer in een gewone normale bh passen.
Joehoe!
De meeste tijd dit weekend ging op aan mijn nieuwste project.
Te weten een rok.
Een zelfgemaakte rok.
En hij wordt best mooi.
Alleen het zat een beetje tegen.
Ik kwam drie (3 dus) keer bij de arts and craft store dit weekend.
De eerste keer kocht ik de stof. En alle bijbehorende spulletjes. Dacht ik.
De tweede keer was ik in de winkel omdat de rok behoorlijk doorscheen.
Dus. Halve rok uit elkaar, voerinkje erin. Klaar!
Nee dus. Want toen was het draad op.
Zwart. Draad. En nu vraag ik u. Wie heeft er nu geen zwart draad in huis?
Juist ja. Ik dus.
Dus weer terug naar de winkel. Voor een klosje zwart garen.
Nu is ie bijna af.
Ik twijfel nog over de afwerking aan de onderkant.
Drie opties.
Gewoon een zoom. Een zwart lint. Of een bredere band van zwarte stof.
En dan tot slot. Er ging dit weekend natuurlijk ook heel veel tijd op aan dromen over ons huis. Ons toekomstige huis.
En aan het langsrijden. Elke keer dat ik in de auto stapte. Daarom moest ik steeds al die dingen doen. Om het huis te kunnen stalken. En te kwijlen als ik het SOLD bord in de tuin zag staan.
Bedankt voor al uw leuke felicitaties en reacties!
Ik denk trouwens dat u de komende maanden genoeg te lezen hebt hier. Over dat huis. Totdat het uw strot uitkomt.
Of beter gezegd. We eten ieder twee halve gebakjes.
Want we wilden allebei zowel de chocolade framboos als de key lime pie, en ja dan zit er maar één ding op. Een Salomons oordeel. En dat eindigde dus in twee door midden gehakte gebakjes.
Om het geheel nog eens extra feestelijk te maken, drinken we een margaritha erbij.
Een beetje een vreemde combi. Ik geef het toe. Alhoewel de key lime pie wel erg goed bij de margaritha met lime paste.
Kent u trouwens het perfecte margaritha recept?
Het zit hem allemaal in de verhoudingen. En die zijn als volgt.
1 deel limoensap.
1 deel Triple Sec. Of Cointreau. Of Grand Marnier. Jaja. Ik ken mijn sinaasappellikeuren.
Want mijn werk houdt me bezig. En is ook nog eens uitdagend. En leerzaam.
En ik spreek weleens wat mensen. Belangrijke mensen. Commissioners. Senatoren. President Obama. Mijn collega's. De receptioniste. De kantinejuffrouw.
En wie had dat ooit gedacht?
Cisca. Blond huppelkutje. Uit Nijmegen. Neemt ontslag. Bij de allerleukste middelbare school van Nederland. Om één of andere rare melkboer achterna te reizen. Voor de liefde.
En wie had het ooit gedacht?
Dat ik zo'n gave baan zou krijgen? Bij de provincie? In de Joe Es of Ee?
Ik heb het best getroffen. En dat weet ik.
Alleen.
Alleen dit is de Joe Es of Ee. En hier wordt veel gewerkt.
Echt veel. TE veel.
10 vrije dagen heb ik per jaar.
Tien.
Dat is dus twee weken, hè? Maar dat begreep u vast al wel. Ik moet natuurlijk niet de intelligentie van mijn lezers onderschatten.
Mijn hele zwangerschap werkte ik ook full-time. Totdat ik zo dik was als de allerdikste zeug. Die u ooit zag. Zo'n zeug die twintig biggetjes moet gaan baren. Tot ik 40 weken en 6 dagen zwanger was. Toen kapte ik ermee. En baarde ik een week later twintig biggetjes Kobus. En negen weken na de bevalling ging ik weer vrolijk aan de slag. Eerst part-time, terwijl Kobus haar ochtenden doorbracht met de melkboer, en zes weken later weer full-time.
En ik werk nu dus nog steeds. Elke dag.
Elke dag sinds ik op twee januari terugkwam van een bezoekje Nederland.
Ik werk trouwens niet in het weekend, hoor. Dat niet. Dus eigenlijk werk ik niet elke dag. En eigenlijk weet ik dus ook niet wat ik nu zit te zeiken. Maar ja. Zeiken moet gewoon soms. Soms is dat gewoon even lekker.
Nou ja.
Ik denk er dus weleens aan. Stiekem.
Stiekem denk ik weleens aan sex met Viggo Mortensen het opzeggen van mijn baan.
En dan gewoon lekker thuis blijven. Bij Kobus. En nog eens twintig biggetjes baren.
En aan tijd hebben.
Voor het naaien van kleertjes. En voor zwemles met Kobus. En voor mijn werk voor de Nederlandse club.
En ik wil tijd hebben om op de porch zitten. Van ons nieuwe huis. In een schommelstoel. Met een boek. In de zon. Een hele dag lang.
Zal ik het gewoon doen?
Ontslag nemen?
Eigenlijk wil ik gewoon drie weken vakantie.
Nu.
Nu. Alstublieft.
Maar ja. Dat gaat dus niet.
Dus ik werk maar gewoon verder. En af en toe zeik ik even. Tegen de melkboer u, mijn lieve lezertjes.
En een middagje stad voor ons, is die grote stad tussen New York en Washington DC.
De city of Brotherly Love.
De stad van het baseball team dat de World Series won afgelopen jaar.
En de eerste echte enige hoofdstad van de VS.
En dat zou het dus nog steeds moeten zijn.
Niks DC.
Philadelphia.
Come on Eileen Obama.
Die stad dus. Een middagje. De melkboer, Kobus en ik.
En we constateerden maar weer eens dat die stad echt heel dichtbij is.
Slechts 14 mijl. Oftewel een half uurtje met de auto.
Avontuurlijk als we zijn, begonnen we de middag met een lunch in Chinatown.
We liepen zomaar ergens binnen.
En stonden zaten ineens in een Chinees restaurant. Gek hè, in Chinatown. Met bijna alleen maar Chinezen. En zonder menu.
Er kwamen namelijk allerlei karretjes langs en dan was het de bedoeling dat je gewoon aanwees wat je wilde.
Best scary. Want wat durf wil je?
En echt niet dat die serveerders, dan wel sters, Engels konden. Ze deden wel hun best, maar verstaanbaar was het niet.
En wat als je dan iets aanwijst, dat je eigenlijk niet wilt eten. Of niet lust. Persoonlijk denk ik namelijk dat die Chinezen alles gewoon frituren, en dan verkopen. Sprinkhanen, wormen, allerlei andere insecten, katten, honden. Ik hou namelijk niet zo van eend, en van varkensvlees.
En weet u wat echt scary was?
Er lagen ook kippenpootjes op het karretje. Gefrituurd. En dan geen kippenpootjes zoals u zich nu voor de ogen haalt.
Try again. En haal dan echte pootjes voor uw ogen.
Scary.
Maar wat we uitzochten, was natuurlijk allemaal hartstikke lekker.
Wat zeg ik? Heerlijk. Dat was het! En super goedkoop.
Vervolgens wandelden we naar de markt. Eén van de grootste overdekte markten van de VS.
En wat is het daar altijd leuk. Al de zintuigen worden geprikkeld.
Het ruikt naar kruiden en specerijen, gebakken vlees, vis, groenten en zoetigheid. En dat allemaal door elkaar. Maar toch ruikt het lekker.
Op de achtergrond wordt piano gespeeld en er is volop geroezemoes in allerlei verschillende talen.
En er is natuurlijk van alles te zien. Al die verschillende producten. En verschillende mensen. Veel Amish, maar ook Arabieren, Indiërs, Pakistani, Chinezen, Japanners, Italianen, Grieken en ga zo maar door.
Nu nog wat proeven en voelen, en de zintuigenprikkeling is compleet.
We shopten wat, kochten lekker brood. En wijn.
En aan het eind van de middag zaten we zelfs nog even op het terras.
Van onze favoriete Italiaanse ijskraam.
Ik at ananas-mint en rabarber ijs. In het zonnetje. Heerlijk.
Het eten was dus heerlijk.
Kobus probeerde de truc van het wegtrekkende tafelkleed.
Nou ja, ik typ het. Schrijven op een computerscherm is nogal zinloos, dat begrijpt u.
Ik wil altijd wat ik niet heb.
En ik wil ook altijd wat niet is.
En als ik het dan heb, dan wil ik weer terug naar het oude.
En dat. Dat is nu het probleem. Het probleem van vandaag.
Ik zal het even uitleggen.
Het was de afgelopen vier dagen ruim 30 graden hier.
En wat had ik daar op gewacht.
Eindelijk. Zomer.
Totdat ik me ineens weer realiseerde hoe warm dat is.
Ruim 30 graden.
In een huis zonder airco. Met een schuin dak. En het zonnetje dat daar de hele dag op staat te branden.
En in de auto. Met een stuur zo heet, dat het bijna niet is aan te raken.
En de keuken. Waar mijn blote benen steeds vastplakten aan de stoel.
En dan is er nog de borstvoeding.
De afgelopen dagen glibberden en gleden Kobus en ik als twee gladde alen langs elkaar heen. Naast melk wisselden we nog een andere lichaamsvloeistof uit.
Zweet.
Mensen, mensen, wat een zweet.
Heerlijk. Ik voelde de intieme band met Kobus gewoon groeien. Tijdens deze afgelopen dagen.
En nu is het dus weer gewoon een graad of 15. Ineens. Zomaar.
Wat dan wel weer raar is, want meestal gebeuren dingen bij u eerder.
Zoals het aanbreken van de avond.
Of Oud en Nieuw.
Want weet u?
De meesten van u leven al zes uur langer in 2009 dan ik.
Maar dat haal ik straks weer in. Omdat ik zes uur later 2010 in ga.
Tenzij ik in Nederland ben met Oud en Nieuw. Dan raak ik dus zomaar zes uur van 2009 kwijt.
Best knap hè? Dat ik zo goed kan lullen. Over niets. Echt een gave. Dat is het.
Maar ok. Even to-the-point.
Tot de punt.
Of het puntje.
Het puntje van Koninginnedag.
Want wat vieren we eigenlijk met Koninginnedag?
Duh, de verjaardag van de Koningin natuurlijk.
En waarom vieren we Koninginnedag?
Nou, omdat de koningin jarig is. O nee, dat is in januari. De koningin-moeder dan. O nee, die is dood. Maar toch is ze nog steeds jarig. Zo werkt dat met koninginnen.
What's up with that Queensday?
Dat vroeg iedereen mij gister.
En wat zeg je dan? Dat we op Koninginnedag de hele dag bier drinken, rommelmarkten aflopen, naar bandjes luisteren, en rare Oranje kleren aanhebben? En vieren dat we Nederlands zijn?
En vieren dat we een koningin hebben?
De zin en onzin van het koningshuis, dat is voor Amerikanen maar moeilijk te begrijpen.
Alhoewel ze hier trouwens wel helemaal weg zijn van Prins William en Prins Harry van het Britse Koningshuis. Die staan regelmatig op de voorkant van de roddelbladen.
Maar dat weet ik natuurlijk niet. Want ik lees alleen maar verantwoorde literatuur. En logjes.
Pfff.
Verwarrend allemaal, hoor.
Nederland. Amerika.
Monarchie. Republiek.
30 april. 4 juli.
Dus daarom maar een kleine Nederlands-Amerikaanse fashionshow. Van de enige echte Kobus.
Die haar Dutch heritage celebrates. En ok, ook een beetje haar Amerikaanse. Heritage.
En voor diegenen onder u die, óf geen Engels kunnen, óf niet goed van foto's kunnen lezen, óf zijn afgeleid door Kobus' lieve koppie, even de vertaling.
1) Gemaakt in Amerika met Nederlandse onderdelen
2) Gemaakt in de VS
3) Ik ben zo knap, ik moet wel Nederlands zijn
Dat zeg ik overigens de hele dag tegen mijn collega's. En buren. En wildvreemde mensen in de rij bij de kassa.